woensdag 30 november 2011

Ik koop kunst

Status idioot triathlonplan: Herman Pleij kan heel goed college geven. En als ik op een loopband sta, heb ik daar wel oren naar. Dus, om mijn hardloopplannen niet door de moesson te laten verregenen (of door de verblindende zon te laten verdampen), wie weet er nog leuke colleges/audioboeken/documentaires die ik voor een appel en een ei op mijn Ipod kan zetten? De score van vandaag: 25 min heuvellandschap op level 5 en, tromroffel, een snelheid van 9,5 hele km per uur!

De collega's bij Energeia hebben een Leven. Dat was handig toen S. de gekolfde melk vergat ("Ga je dan nu naar huis", vroeg de onvolprezen chef redactie, maar hardvochtige moeder die ik ben, besloot ik E. dan maar met kunstmelk te laten voederen). En ik leerde nog eens wat. Zo ken ik nu minstens veertien verschillende manieren die ratten gebruiken om een kippenhok binnen te dringen (maar die ene manier die de ratten in kwestie gebruikten is nog steeds in nevelen gehuld, want de bekende veertien had de desbetreffende collega potdicht gemaakt). Ik weet waar je het beste papegaaienbehang ter wereld kunt krijgen (in Gent) en hoe je dat het beste in je huis verwerkt (tegen de wanden van de inloopkast). Ik weet hoeveel uren onze jeugdige turnstertjes in de trainingszaal doorbrengen (al heeft de collega nog steeds een trampoline in de tuin staan, omdat ze anders haar energie niet kwijt kan) en met dank aan de jeugdherinneringen van oud-turnster classica L. wist ik de trotse ouder zelfs enige semi-intelligente vragen te stellen.

Kunst kopen,  nog zo'n niet-werk gerelateerd onderwerp waar collega F. en ik het wel eens over hadden in de trein naar huis. Hij had daar namelijk Verstand van, al zal hij dat bij lezing waarschijnlijk onmiddelijk ontkennen - maar hij mocht de boel wel recenseren voor een Landelijk Dagblad in Belgische Handen. Hij wist wel bij welk Design-huis hij zich zou melden als hij de loterij zou winnen. (In zijn huis hangt ook dat tropische behang.)

Ik niet. Al vind ik Kunst vaak wel Mooi. Maar ook Duur. Bovendien had ik in het Financieele Dagblad gelezen dat kunst kopen voor amateurs niet loont als investering ("als het een goede investering is, kost het nu ook al tonnen. Dat worden dan miljoenen" - ik parafraseer). Dus je kunt maar beter iets kopen dat je gewoon graag in je huis wil hebben. Wij hadden dus twee schilderijtjes uit India hangen (ingelijst van het geld dat ik met mijn eerste artikel had verdiend) en twee foto's-op-linnen die S. via zijn kerstpakketten op de kop had getikt. En veel foto's natuurlijk, want hoe weet een willekeurige inbreker anders wiens zuurverdiende spulletjes hij aan het jatten is?

En toen stond ik op Schiphol. En daar was de olifantenparade. En ik werd verliefd.

Nu heb ik altijd van olifanten gehouden. Ze groot, dik, goeiïg en strak van geheugen. Kortom: ze lijken op mij. Maar ja, ik had net een huisinhoud opgeslagen in een loods en liep op het vliegveld met een kind, een luiertas, een eigen tas en een kinderwagen. Als handbagage. De ruimbagage paste niet in zijn geheel op de loopband. Dus het leek me niet het juiste moment om olifanten aan te schaffen. Portemonnee-technisch geen slecht besluit.

Maar soms geeft het universum een wenk. Zoals toen ik op Orchard Road uit de metro stapte en rijen vrolijk beschilderde olifanten aan trof. Dit jaar staat de olifantenparade in Singapore. Dit zijn onze nieuwe huisgenoten:

Tropical Feeling uit Emmen (Wij noemen hem: roze bloem)

Invisible uit Milan (wij noemen hem: vlinder)

Radja uit Londen (hier: spiegeltjes)

White Tiger uit Singapore (hier: Tijger)

Deze Amsterdamse olifant heeft een gekke Thaise naam, maar wordt hier in huis meestal "die ene" genoemd. Het was niet de bedoeling dat deze bij ons kwam wonen, maar soms gebeuren die dingen nu eenmaal.

Dit is dus geen geldverspilling aan nodeloze, breekbare ornamenten die we straks weer een oceaan over zullen moeten zeulen.

Dit is Kunst. En elke olifant heeft een Certificaat om dat te bewijzen.

ps. Radja kwam pas een paar dagen na de rest van de kudde. Toen hij bij thuiskomst ineens een invasie van olifanten aantrof, trok S. zijn wenkbrauwen op, inspecteerde de dieren en vroeg vervolgens teleurgesteld: "Niet die ene met de spiegeltjes?" Tja, toen heeft Sinterklaas die een paar dagen later maar in zijn schoen gestopt.

dinsdag 29 november 2011

Mani-pedi: vaders aan de koffie, moeders aan de manicure

Status idioot triathlonplan: ondanks tegenwerpingen van S. ("Je moet je nagels minimaal drie uur rust gunnen") toch gaan zwemmen. Hoestend en proestend 600 meter volbracht waarvan de helft in borstcrawl. Ik wou nog gaan hardlopen, maar dat was gezien mijn energieniveau van de rest van de dag, toch een tikkeltje te ambitieus. Ja, ik weet het, dat is geen goed voorteken voor een triathlon, waarbij je drie verschillende soorten sport achter elkaar doet. Het goede nieuws is dat een ieniemienie triathlon slechts 250 meter zwemmen telt en ik al 50 meter meer in borstcrawl kan afleggen dan dat. Hoera!

We gingen naar de Botanic Gardens om daar de Evolution Walk te doen. (Dat is heel cool: de tuinlui hebben de staat van de aarde van heul lang geleden tot nu nagemaakt, dus het pad begint tussen stenen en viezige poeltjes en loopt dan via mossen, varens en versteende bomen naar het huidige regenwoud.) En we dachten dat het leuk zou zijn om dat met de metro te doen, aangezien er net een nieuw station is geopend aan de rand van de Botanic Gardens.

We hadden beter even kunnen checken hoe we daar dan precies moesten komen. Vier metro's en anderhalf uur later stonden we bij de poort van de Botanic Gardens, toen vanaf de overkant van de straat de geur van een Italiaanse traiteur naar ons toedreef. We hadden inmiddels ook honger.

E. had het wel een beetje gezien met de metro en het overstappen en was inmiddels in slaap gevallen. S. had een capucchino besteld en een krantje gekocht. Zijn oog viel op de nabijgelegen nail bar en er ging een lichtje bij hem branden. "Waarom laat jij je nagels niet eens doen?" vroeg hij onschuldig, terwijl zijn hand naar de krant kroop. "Kijk, ze hebben een aanbieding voor first timers."

Ik moest even een rondje gaan lopen om hierover na te denken. Ik had namelijk net die morgen mijn nagels bijgewerkt (dat betekent: bijten en scheuren totdat ze weer een acceptabele lengte hebben). Bovendien heb ik af en aan last van zwemmerseczeem en hoewel ik het huidige stadium "af" vind, wil dat niet zeggen dat het weg is. In mijn hoofd vormden zich beelden van gruwelende gezichten boven mijn bestofte pootjes.

In praktijk - want S. wilde echt heel graag koffie drinken en een krantje lezen op een terrasje onder de palmbomen zonder de storende aanwezigheid van de vrouw-van-zijn-dromen - blijk je die gruwelende gezichten niet te kunnen zien omdat ze mondkapjes dragen. Hygiënisch, legde het meisje uit. Marketingtechnisch slim, denk ik (of zouden ze zo bang zijn voor huidschilfers in hun mond? Nu ik het zo optik, klinkt dat ook eigenlijk heel goor).

"You wait two three weeks then come back when nails longer yes?" instrueerde het glimlachende meisje mij tijdens het boenen, vijlen, schuren, masseren, oliën, knippen van nagels en nagelriemen en lakken met onderlaag, kleurlagen één en twee en het aanbrengen van de beschermende coating. "You wear closed shoes a lot? Or just sweaty feet?" informeerde het andere, serieuze meisje, dat zich bezig hield met mijn voeten. De schilfers vlogen in het rond. Zij deed haar mondkapje niet af, ook niet om tegen mij te praten.

De nail bar was een gekke mengeling van zwart industrieel plafond, grof wit-gestucte muren, strak Ikea-meubilair en design-kranen en kommen om de voeten in te plaatsen. Licht- en donkerblauwe handdoeken lagen uitgestald op hetzelfde Ikea-keukenbarretje dat ons keukentje siert. Een regenboog van nagellakflesjes glom onder een vakkundig geplaatst Ikea-spotje. "Kies een kleur", instrueerde lachebekje-zonder-mondkapje terwijl ze een bamboestoommandje op mijn schoot dumpte met veertienhonderd verschillende kleurstalen. "Ik ben zo terug."


Vandaag ben ik met partygirl-turned-mama Nana naar Ion geweest om nieuwe schoenen te kopen. En misschien moet ik mijn armen ook maar gaan scheren.

(Oordeel: Die pedicure vind ik wel wat. Die manicure leidt me voornamelijk af tijdens koken, tikken en andere nuttige zaken. Hoewel het feit dat S. de rest van de middag poepluiers heeft verschoond - "dat kan ik niet doen, dat bijt de lak eraf want de coating is nog niet droog" - wel weer een puntje in het voordeel van een manicure is. Hee, zijn er meer ervaringsdeskundigen in de zaal? Wat vinden jullie?)

maandag 28 november 2011

Shopping odyssee

Status idioot triathlonplan: er lijkt weer schot in de zaak te zitten (al moet ik dat natuurlijk nooit hardop toegeven - beschouw dit als een mompel). Vanmiddag 20 minuten hardgelopen, op het heuvelprogramma van level 5. Dat is 3 hele levels hoger dan de vorige keer, maar dit keer keek ik dan ook ondertussen de making of van Twilight Breaking Dawn I en als dat niet goed voor de hartslag is (er zijn hier zoveel snedige grappen over te maken dat ik even blokkeer, vul je eigen vampier/weerwolf/horror/aantrekkelijke mannengrap in), dan weet ik het ook niet meer. Of moest die nu juist laag blijven? Ingewikkelde zaak, dat sporten.

Wellicht dat er lezers zijn, die zich mij voorstellen tussen wuivende palmbomen. Of met zonnebril mijmerend langs een meanderende rivier. Of in kek rokje gestoken met een verkoelend drankje onder een parasol.

Al die mensen verwarren Singapore met Azië. Het is hier anders. De nationale sport is om zo min mogelijk buiten te komen en tegelijkertijd zoveel mogelijk winkels te bezoeken. We nemen afgelopen donderdag als case study. (Ook leuk: weet je precies hoe mijn dagen er hier uit zien! Als ik niet thuis zit tenminste.)

Om vijf voor elf sprongen E. en ik in een taxi om naar Tanglin Mall te gaan voor onze wekelijkse positiviteitsinjectie en klaagzangdrainage. De injectie ontvingen wij op de derde verdieping in het Mother and Child Centre, de drainage vond gepast in de kelder plaatst, onder het genot van een Indiase currymaaltijd (denk: plastic tafeltjes, gillende kinderen en eten op dienblaadjes).

Vervolgens nam ik de taxi naar het Apollo Centre, waar naast alle reisagenten en boekingskantoren van luchtvaartmaatschappijen ook E.'s kinderdagverblijf zit. Vanaf het Apollo Centre moest ik, horror der horrors, naar buiten, de straat oversteken en kon toen pas in Central Mall (een heel suf winkelcentrum) naar ons lokale metrostation Clarke Quay.

Ik stapte uit op Orchard Road, de shopshopwalhallastraat. Dat is bij wijze van spreken, want ik stapte natuurlijk niet uit op straat, maar in Ion Mall. Ion is een onduidelijk labyrint waar alleen veertienjarige meisjes met hun schooluniform in handtasjes gepropt de weg weten. Gelukkig zijn er ook bordjes. Die volgde ik naar Tangs warenhuis aan de overkant van Orchard Road (via de Underpass natuurlijk!) dat zo groot is dat het niet in een mall past maar gewoon een Eigen Winkelpand heeft. Een ongekende luxe, in Singapore.

In Tangs warenhuis kocht ik een dienblaadje om onze troep op te verzamelen. Eigenlijk wilde ik ook een theepot, maar ze hadden alleen hele dure en lelijke (dus theepotten die tegelijk duur en lelijk waren, een dodelijke combinatie) dus nam ik de metro naar het kantoor van S. Daaronder zit namelijk ook een malletje met een winkel waar ik de vorige keer met hem niet in mocht. ("Hee", zei S. bij thuiskomst. "Wat fijn, we hebben weer een theepot! Waar heb je die vandaan?") Gelukkig heb ik winkel-laser-vision, dus wist ik dat die pot daar was (niet heus; ik was er op de terugweg langs gegaan nadat ik S. bij zijn kantoor had afgezet.)

Daarna moest ik nog even langs de Carrefour om een stoompan te halen. (E. houdt van gestoomd eten, wij houden van E. die eet.) Nu is de Carrefour wel in Suntec Shopping Centre, maar helemaal aan de andere kant van de mall dan de kant waar de dichtstbijzijnde metrohalte is. Die halte zit namelijk in een andere mall - Raffles City - en leidt slechts via hetzij de toepasselijk genaamde Citylink Mall of de opgepimpte Marina Square Mall naar Suntec. Het kostte mij 17 minuten (dat heb ik ter jullie lering ende vermaeck en om mijn eigen frustratie te voeden bijgehouden) om van de metro naar de supermarkt te komen en ik denk dat ik zo'n twee winkels per seconde ben gepasseerd.

Kortom, volgens Singaporese standaarden een uitermate geslaagde exercitie.


Toen moest ik E. ophalen. En wat bleek toen ik eindelijk weer boven de grond kwam? Het regende. Dus E., stoompan en ik hebben een geairconditionede taxi naar ons huis genomen, een luttele kilometer verderop.

Lopen, daar doen ze ook niet aan in Singapore.


De oude idioot kleine stoommandjes naast de nieuwe idioot grote stoommand. Het was de kleinste die ik kon vinden bij de Carrefour die wel groter was dan de mandjes die ik al had. Zulke mandjes, werd mij meewarig uitgelegd, zijn héél moeilijk te vinden. Een beetje alsof je een ouderwets wasbord zoekt om je goed te schrobben.


Om een idee te geven van de afmetingen van de stoompan, hier een plaatje waar E. ook op staat. E. meet momenteel zo'n 80 centimeter van top tot teen.

Zo'n tocht is antropologisch dan wel weer interessant. Singapore is een smeltkroes van alle Zuidoost-Aziatische culturen. Hier een Indiase vrouw die gepaste afstand houdt van haar echtgenoot. Hoe hij het wist is mij een raadsel, maar op een gegeven moment merkte hij dat ze een beetje achterbleef. Hij draaide zich om, glimlachte en wachtte tot ze hem tot op twee meter genaderd was. Toen liep hij door.

zondag 27 november 2011

Pyama party

Status idioot triathlonplan: jawel, er is weer gezwommen. In de regen, zonder donder en bliksem, maar wel een heel zwembad voor mij alleen. Toch gek dat ik onder water meer zag dan boven water. Het hielp blijkbaar, want ik zwom 600 meter, waarvan 300 borstcrawl.

Het kinderdagverblijf gaf ons een brief mee. Ze organiseren voor kerst een pyama party voor alle babietjes.

...

Het is tijdens de normale openingstijden, 's middags krijgt ze weer gewone kleren aan en ik mag erbij zijn. Gelukkig maar. Engerds.


E., niet in haar pyama, vist de kruimels uit het niet-tupperware bakje waarin ik de brownies had vervoerd.

zaterdag 26 november 2011

Rondje supermarkt

Status idioot triathlonplan: Er is weinig te melden. Heel weinig.

Hier zijn wat foto's uit de Japanse supermarkt waar wij onze boodschappen doen als we te lui zijn om naar de Fair Price te lopen (of, in het geval van S., als er geen taxi's zijn om de achthonderd meter die de supermarkt van ons scheidt te overbruggen. "Maar het regende!", verdedigt hij nu zichzelf, al hebben we een heel mooi regenscherm voor de kinderwagen én mogen we paraplu's met parasolafmetingen lenen bij de receptie).

"This is the nicest supermarkt in Singapore", verzuchtte de Singaporese vrouw van de Italiaan die ons van de verdrinkingsdood redde. En het is waar: zo'n mooie supermarkt had ik nog niet eerder gezien in mijn leven, met speciale kinderhoek waar alle (ik neem aan Japanse) kindjes braaf op de kleurige matjes blijven zitten. Met de kruipgrage E. hebben wij dit nog niet uit durven testen. Leuk hoor, dat Columbus Amerika ontdekte, maar ik zou best een wat - let's rephrase this positively! - vrediger kind willen hebben.

De Meidi Ya heeft op elke afdeling - vlees, zuivel, groente, fruit - een aparte afdeling "Fresh from Japan" met producten die wekelijks worden ingevlogen. Op die afdelingen hangen ook geruststellende bordjes over het risico op nucleaire besmetting.


Hoewel de Meidi Ya een gangpad voor pasta en noedels heeft, haalt het toch niet bij de voorzieningen voor rijst, die rondom de hieronder afgebeelde pilaar vier van zulke kasten beslaan.


Voor degenen die het hadden gemist: Een speciaal uit Japan ingevlogen meloen met een passend hemelse smaak. Tenminste, dat vermoeden wij, want het prijskaartje van bijna 70 Sing dollar (ruim 40 euro) per meloen schrok ons toch een beetje af.


vrijdag 25 november 2011

De liefde voor frituur

Status idioot triathlonplan: yoga opgegeven. Ik slaap liever. Dat maakt de kans dat ik ga zwemmen ook weer groter. Hoewel ook dat er de afgelopen dagen niet van is gekomen, want ik slaap liever. En dat heeft niks met E. te maken, maar met mijn biologische klok die inmiddels is afgesteld op een uur of wat waken zo rond 4 uur 's nachts. Erg vermoeiend.

"Eten is een hobby in Singapore", zei de Italiaan die ons kleine gezinnetje op Sentosa redde van de moesson en voor de deur van het appartementengebouw afzette. Dan moet een Italiaan zich hier thuis voelen, veronderstelden wij. Hij weifelde. "Italianen houden van lekker eten... Maar hier leven de mensen om te eten."

"Wij hebben twee keer gekookt sinds we hier zijn", troostte S.' triathletische collega toen ik mij beklaagde over het gebrek aan potten en pannen. "Heus, zo goedkoop en zo lekker, daar is niet tegenop te koken." Dat is waar, zowel het één als het ander. En E. eet met smaak mee (om precies te zijn: E. trekt tegenwoordig haar neus op voor haar moeders snelle happen, wat mij ertoe dwingt om daadwerkelijk mijn best te doen in de keuken. E. is goed voor onze tafelgewoontes - zo weigert ze ook te eten als niet iedereen aan tafel zit).

Geen van de events op het Singapore Writers Festival was zo druk bezocht als het panelgesprek tussen drie food writers, wat al snel uitliep op discussies waar je de beste chicken rice kon halen en of dat nu inderdaad het meest Singaporese der Singaporese gerechten was. De lof van de hawker centres werd gezongen, de kunst van het agak-agak (koken op gevoel) en de organisator stond in een hoekje te glimmen. (Wat opviel: de schrijfster in het panel was slank en elegant, terwijl de twee kerels eruit zagen alsof ze zo een halve koe konden gaan barbecuen en oppeuzelen.)

Dus ik, met mijn niet-werkende neus en grof-georiënteerde smaakpapillen, was helemaal geprimed om mij nederig te onderwerpen aan de superieure Singaporese voedselkeus. Ik ben nogal een schaap als het om het volgen van de meute gaat.

Gelukkig zijn er altijd mensen die wel zelfstandig blijven denken. Zoals S.' Engelse collega M., die met vrouw C. naar Singapore vertrok om wat vaker thuis te zijn. (Dat zit zo: Singapore is heel klein. Kleiner dan Nederland. Kleiner dan de provincie Utrecht. Dus hoe ver je ook van huis werkt, je komt altijd 's avonds thuis. Dit in tegenstelling tot Engeland, waar het bedrijf je rustig een weekje in een verlaten mijnstadje net onder de grens met Schotland laat bivakkeren als de klant dat wenst. Dit is ook de reden waarom ik niet bereid was met S. in Londen te gaan wonen.)

"Singaporezen bakken en frituren al het eten!" riep C. vol afschuw uit. Het duurde een maand voor hun keukenspullen in Singapore arriveerden en tot die tijd leefden ze op hawker food. "I craved vegetables", zei ze met grote, hongerige ogen. Voor ons hadden ze een smakelijke, Britse fish pie gemaakt met een lauwwarme salade van sperziebonen en sugarsnaps.

M. en C. zijn gek op Thais en Vietnamees eten - en, eerlijk is eerlijk, Singapore barst van de goede restaurants dus ze komen ruimschoots aan hun trekken. "Maar het is verbazingwekkend hoe Singaporezen klagen over het eten als ze de grens over gaan", verwonderde M. zich. "Helemaal niet", antwoordde C. "Dat is hartstikke logisch. Of course they don't like it, it's not fried!"

(Vandaag hebben internet en ik ruzie. Ik mag dus geen plaatje uploaden. Net zoals ik geen vliegtickets mag boeken. En de site vastloopt als ik onze excelsheets in googledocs tracht bij te werken. Zou degeen die via het appartementennetwerk illegaal films aan het downloaden is daar alsjeblieft mee op willen houden? Ga aan het werk!)

donderdag 24 november 2011

In de taxi

Status idioot triathlonplan: Vanochtend weer heerlijk geslapen, maar het was ook laat geworden gisteravond bij S.' Engelse collega's. E. sliep in haar tentje in de tweede logeerkamer ("we wilden een apartement met drie slaapkamers, maar deze met vier was goedkoper... Nee, de maid's room zit naast de keuken, die hadden we niet meegeteld") en hun huis was ondanks gebrek aan eigen kinderen uiterst baby-vriendelijk. "Van het weekend hadden onze vrienden hun licht destructieve hond meegenomen, vandaar." Maar geen sport dus vandaag.

"I'm retired", zegt de taxichauffeur. Ik snap het niet. Hij rijdt toch deze taxi, hoezo met pensioen? "Ik was vliegtuigmonteur", vertelt hij trots. Andere taxichauffeurs werkten als technicus op een boorplatform of hadden een kantoorbaan in één van de vele wolkenkrabbers in de stad. Nu zijn ze met pensioen en rijden ze op de taxi.

Dat komt, begreep ik van onze lokale guru Neil Humphreys, omdat de oudedagsvoorzieningen in Singapore redelijk karig zijn uitgevallen. De overheid gaat ervan uit dat kinderen voor hun ouders zorgen - sterker zelfs, dat heeft de staat tot wet verheven. Er zijn dus ouders op leeftijd die hun kind voor de rechter slepen omdat ze geen levensonderhoud krijgen.

Maar er zijn ook ouderen die werken. Als schoonmaker bij MacDonalds, als drankjesverkoper en dweiler in de hawker centres, als straatveger of als taxichauffeur. Maar voor die laatste klus moet je wel geld hebben, want de chauffeurs huren de taxi: 108 Sing dollar of ruim 61 euro per dag exclusief benzine. Veel taxichauffeurs delen hun taxi dan ook: de een werkt overdag, de ander 's nachts. Soms delen ze ook met zijn drieën, en hebben ze af en toe een dag vrij.

Dat is geen overbodige luxe, want de familie-afhankelijkheid werkt naar beide zijden. De kinderen moeten de ouders onderhouden, maar die kinderen moeten daarvoor wel kunnen werken. Man én vrouw. En dus passen opa en oma op de kleinkinderen. Ik vroeg de gewezen vliegtuigmonteur, die mij halverwege de nacht van een drankovergoten expatbarbeque weer naar huis reed, naar zijn dagschema. Zijn ogen lichtten op bij de gedachte dat hij over een paar uurtjes weer met de kleintjes (hij had er vijf, van drie tot negen jaar oud) mocht gaan ravotten.

Zo zagen zijn grootouderlijke dagen eruit:

10 pm: op de taxi stappen
12-3 am: nachtdutje
3-7 am: taxi rijden
7.30 am: de kleinkinderen komen, oma serveert het ontbijt
8.30 am: opa brengt de kleinkinderen naar school
9-12 am: slapen
12-5 pm: schoonmaken, koken, boodschappen doen
5 pm: oma haalt de kleinkinderen van school en geeft hen avondeten
7.30 pm: het kroost wordt opgehaald, oma serveert het avondeten voor de volwassenen
8.30 pm: kinderen en kleinkinderen gaan naar huis

"Ach", haalde hij zijn schouders op. "Je hebt steeds minder slaap nodig naarmate je ouder wordt."


E. inspecteert haar bezittingen op haar eerste verjaardag, nadat ze via een whatsapp filmpje is toegezongen door haar grootouders. Misschien is het Singaporese model niet helemaal ideaal, maar ons kleine gezinnetje mist de grootouders wel. Ook als ze niet oppassen.

woensdag 23 november 2011

Al dan niet een expatvrouw

Status idioot triathlonplan: vanochtend om acht uur sloop S. op kousevoeten het huis uit, terwijl E. en ik nog heerlijk lagen te slapen. Op het fornuis stond E.'s havermoutpap klaar, op tafel mijn bakje met zompige muesli (ik hou van verweekte muesli met bolle rozijnen die zich vol melk hebben gezogen). Vanmiddag playdate, vanavond eten bij een collega, dus sporten zit er niet meer in vandaag. Maar slapen is ook heel fijn.

"Ben je nou wel of niet een expat-vrouw", mijmerde zus F. terwijl we zondag skypten. "Je wil wel graag werken, maar als ik je blog zo lees doe je dat niet." Nu is een blog natuurlijk een geredigeerde versie van de werkelijkheid, maar ook in de werkelijke werkelijkheid werk ik niet. (Ik neem even een pauze om naar aanleiding van de voorgaande zin heel tevreden met mijzelf en de wereld te zijn.)

Dat is om meerdere redenen jammer. Ten eerste is het heel erg raar om na mijn halve leven voor mijn eigen zaakjes te hebben gezorgd, ineens afhankelijk te zijn van S. (Stiekem betaal ik sommige uitspattingen dan ook van mijn spaarrekening. Zo plan ik nu de aanschaf van een paar olifanten.) Ten tweede mis ik collega's. Ik was bij Energeia dan ook met mijn neus in de boter gevallen, dat geef ik onmiddelijk toe, met slimme, gedreven en gevatte collega's én een normale work-life balance. En ten derde leer ik Singapore niet echt kennen. Ja, wel de subcultuur van de mama's die via internet speelafspraken maken in hun condominiums, maar ik heb geen idee wat er in de stad speelt. En na jaren ondergedompeld te zijn geweest in de dagelijkse nieuwsstroom, voelt het heel raar om die te missen.

Energieke A. was niet tevreden met die litanie van argumenten. Waar gaat het nu eigenlijk om, vroeg ze. Wat wil je nu echt? Geld is niet het belangrijkste. Mijn aanwezigheid en die van E. levert ons meer aan vergoedingen op dan ik in Nederland aan loon binnentikte, dus in euro's uitgedrukt loont het absoluut de moeite. (Kleren koop ik dan ook van de gezamenlijke rekening - ik moet per slot van rekening wel representatief zijn, natuurlijk.) Ik mis mijn collega's, maar meer nog mis ik de vrijheid om een volwassene temidden van volwassenen te zijn. Met een boekenclubje, supperclubje en writersclubje hoop ik dat gat een beetje op te vullen.

Wat ik echt mis is het nieuws. Dat had ik niet aan zien komen. Eigenlijk dacht ik altijd dat ik een beetje een gemankeerde journalist was, omdat ik het achtuurjournaal niet keek. En DWDD niet. Of Nieuwsuur of Pauw&Witteman (eigenlijk volgde ik helemaal geen actualiteitenprogramma's). Ik las niet eens nu.nl. Op radio 1 luisterde ik het liefste naar Kunststof. Ik ben geen nieuwsjunk.

Maar hier mis ik dat ik niet weet wat er speelt. Ik voel me losgeslagen, op drift. Net alsof ik in een vreemd land ben zonder reisgids. S. wil graag een abonnement op de Straits Times. Dat zou al helpen. Maar ik wil ook gewoon weten waar mensen op straat over praten. Welke tv-programma's ze kijken. Wat ze bezig houdt, waar ze winkelen, welke merken hip zijn. De meeste boeken die ik kocht tijdens het Singapore Writers Festival gaan dan ook over Singapore. Die heb ik gelezen. Nu is het tijd voor het echie. Maar hoe?

dinsdag 22 november 2011

Dingen die anders zijn

Status idioot triathlonplan: mijn enthousiasme heb ik voort weten te zetten na terugkomst in Singapore, dat wil zeggen, ik heb weer een klein rondje rivier gesjokt. Jawel. In een héél klein broekje (de rest was vies) maar dat maakt in Singapore niet uit, want alle vrouwen lopen hier in héle kleine broekjes. Zodra ik daar foto's van heb durven maken, komt er een blog over de kledij van de Singapore-vrouw - en de reden waarom ze desondanks toch niet sexy is. Yoga weer opgepakt. Toch wel fijn.

Dingen die in Nederland nooit zouden gebeuren:

- dat de vrouw achter mij in de rij bij de kassa van de supermarkt aan haar helper uitlegt welk merk pasta ("Barilla vinden we lekker, ook voor de saus") en wat voor thee ("Tisane is altijd goed als je die kunt vinden") die voortaan moet kopen, terwijl dat meisje op zo'n manier het pakje bestudeert dat ik vermoed dat ze niet kan lezen.

- dat ik om half twee 's middags een metrohalte binnenloop en de vloer is bedekt met tukkende bouwvakkers tijdens de schaft.

- dat ik met E. in de kinderwagen de metro binnenstap en een meisje opstaat om mij haar plaats aan te bieden, want ik ben een moeder met kind (maar ik hoef dat kind niet te dragen en heb dus ook niet meer recht op die stoel dan zij).

- dat ik buiten ga zwemmen maar binnen ga hardlopen.

- dat de taxichauffeur onderweg aan mij vraagt: "Okay, dus je wilt naar Zus-en-Zo Straat. Waar is die dan? Oh, je bent er nog nooit geweest? Waar is het in de buurt? En welk adres moet je hebben? Dat adres ken ik niet. Weet je welk gebouw? In de buurt van welk gebouw? Ja, zo wordt het wel lastig hoor." En bij aankomst bij het restaurant: "Lucky you, dat je het ineens zag liggen! Anders waren we uren op zoek geweest!" Wat precies was wat één van mijn disgenoten over kwam.

- dat een man met een roze Longchamp-tas rondloopt - al had hij het excuus dat hij een vrouw bij zich had die hun kind droeg. De Japanse zakenman die ik in onze lobby zag met een stemmig grijs exemplaar onder zijn arm, had dat excuus niet.

- dat een stralende glimlach uitbreekt op het gezicht van het voltallige personeel wanneer ik hun etablissement met E. betreedt op om het even welk tijdstip van de dag. En dat gasten aan aanpalende tafeltjes naar haar gaan zitten koeren (behalve natuurlijk als dat toevallig ook Nederlanders zijn).

Dingen die in Singapore nooit zouden gebeuren:

- dat je met een paar mensen een broodje of iets anders te eten haalt en dan gezellig op een stoepje gaat lunchen om van het weer te genieten. Ik zie nooit mensen op straat eten.

- dat de forensen bij de metro wachten tot ik ben uitgestapt voordat zij aanstalten maken om in te stappen (dat is die kiasu-houding, ondanks dat er elke paar minuten een trein voorbij komt).

- dat je een eenzame portemonnee of sleutelbos van een stoel of tafel raapt om die aan de eigenaar terug te geven. Die persoonlijke eigendommen heeft de eigenaar daar bewust neer gelegd om een plekje te reserveren terwijl hij/zij elders in het hawkers' centre bij een stalletje eten aan het halen is.

- dat je in de buitenlucht komt tijdens het winkelen. Het is hier een sport om zo min mogelijk buiten te komen.

- dat je je door diezelfde buitenlucht laat weerhouden om te gaan hardlopen/fietsen/zwemmen. Ik heb in alle weersomstandigheden mensen hard aan de sport gezien, met flesjes water of paraplu in de hand.

Dingen die hetzelfde zijn:

- het is niet verstandig om het huis te verlaten zonder paraplu.


Gratuit plaatje van E.: Ze speelt met de treintjes in Royce's gym. Dat is geen gymzaal, zoals ik dacht, maar de Singaporese indoor-variant van een speeltuin. Een outdoor-variant is er niet. Wij zijn nu lid en mogen dus anderhalf uur spelen voor het luttele bedrag van 15 Sing dollar (8,6 euro) per keer. Kinderboerderijen zijn er ook niet. Wel heel veel loslopende gekko's, vlinders en vogels.

maandag 21 november 2011

Mijn Bintan-trofee

Status idioot triathlonplan: "Je kunt heel goed zwemmen in Bintan Lagoon Resort", moedigde S.' fietsmaat en fervent triathleet WJ mij aan. Ik had dit nooit op mijn blog moeten zetten. Of ik had het blog niet op facebook moeten zetten. Nu heb ik Verwachtingen Geschept bij mensen die denken dat ik doorzettingsvermogen heb. En die mensen mag ik natuurlijk niet teleurstellen: 600 meter gezwommen waarvan, hoestend en ploeterend, 250 meter borstcrawl. Mensen, wat was dat zwembad LANG. Geen yoga. Wel om negen uur naar bed gegaan.

Nog zoiets wat ik nooit had moeten zeggen, in dit geval tegen OK-verpleegster A. uit Australië. Dat ik ondanks de tropische zon die Singapore geselt en mijn door lokale mensen onbegrepen voorkeur tot wandelen in de bloedhitte nog steeds niet was verbrand.


Zoals jullie kunnen zien heb ik de afgelopen twee dagen op het Indonesische eiland Bintan in een haltertop-jurkje rond gelopen. Tenminste, als ik niet in mijn bikini in het zwembad lag.

(Een fantastisch jurkje overigens, dat ik ooit voor een euro op de Koninginnedagmarkt in Groningen kocht -reken maar uit hoelang dát geleden is - en dat ondanks mijn wisselende gewicht en de neiging tot aan mijn huid plakken van de elastische stof nog steeds goed staat! Ik gaf die dag twintig euro uit, gooide 's avonds twee T-shirts en een ander jurkje weg, het slabestek en het afdruiprek zijn we kwijt, maar het was nog steeds geen geld voor dit jurkje en de roze tijgergestreepte bikini die ik erbij droeg.)

Het was natuurlijk ook niet zo verstandig om me niet in te smeren voor ik met man en kind naar een tropisch strand vertrok. Al was het dan negen uur 's ochtends. En zijn we maar een kwartiertje onder de parasol uit geweest. Ik weet zeker dat ik toen verbrand moet zijn, want mijn benen laten precies zien op welke plekken het zand zat vast gekleefd.

De foto's met het kind zijn niet zo goed gelukt, want die viel met dank aan de witte sunblock van de Etos weg tegen het strandzand. Het is net alsof er een verdwaald roze petje in de branding drijft - maar dat is dus E. (Ja, Bossche E., dat is jullie Gap-petje!)

Ze vond de zee fantastisch. Haar vader vond de glijbaan fantastisch, vooral met E. Ik vond de fruitsmoothies fantastisch. Dat vond E. ook en die was heel boos toen we haar water probeerden te geven, terwijl er toch twee enorme cocktailglazen met glanzend geel sap binnen handbereik stonden geparkeerd. Satésaus met chili vond ze smerig, dus heeft ze haar buikje gevuld met het brood dat we voor de maaltijd kregen. En een kuipje boter dat ze stiekem leeg zat te slurpen, terwijl wij dachten dat ze gewoon aan het spelen was (en zo rustig!) Een tweede inspectie, nadat het wiegen van de veerboot haar maag binnenstebuiten had doen kieperen, leverde ook nog een redelijke score aan papaya op, dus hoeven we haar niet op scheurbuik te controleren.

Voor we naar Bintan vertrokken hebben we eerst Sinterklaas verwelkomd met zwarte Pieten. E. vond het razend spannend om zoveel kindjes bij elkaar te zien. Het is toch wel gek om in Sint-sferen naast een zwembad te gaan liggen.

zondag 20 november 2011

Project Eet Aziatisch: Vietnamese spring rolls

Status idioot triathlonplan: ik hoop van harte dat ik lig te luieren naast een zwembad.

Een Vietnamese mama nodigde mij (en nog enkele andere moeders) uit voor een lichte lunch. Later mailde ze me het recept voor de vissaus. Die van haar was smakelijker dan de mijne, maar dit gerecht kan iedereen maken.

Dit is haar recept:

I don't have any specific recipe for fish sauce, only taste to the right amount whenever I make it
The fish sauce (listed by steps):

- 100 ml warm water mixed with
- 3 teaspoons of sugar and half a teaspoon of salt
- add minced garlic
- add 5 teaspoons of fish sauce (not too much, you can add more later if you think it needs more taste)
- add a quarter of squeezed lemon juice
- add minced chili at the end

The taste should be sour salty and a bit of sweetness!

De dun gesneden runderlapjes heb ik gebakken met wat sjalotjes en een tikje Thai Sweet Chili Sauce. Het was lekker, maar zoals je aan de foto's kunt zien, kon het ook eigenlijk niet mis gaan.


Men neme een rijstblad en make dat nat. Dan legge men het op het bord en wachtte tot het zacht wordt.


Eenmaal zacht, vulle men het rijstblad met een groot blad sla voor de stevigheid, waarop men gesneden (rauwe) groente en kruiden drapeert, eventueel aangevuld met (gekookte) noedels als men, zoals S., een pathologische angst heeft om koolhydraten tekort te komen (of zijn er meer mensen die als ze gaan barbecuen een pannetje rijst koken voor het geval het stokbrood niet genoeg blijkt te vullen?)


Men vouwe het rijsteblad op gedemonstreerde wijze dicht.


Men dope spring roll in vissaus (die men door de keukenmachine heeft gehaald, in tegenstelling tot wat hier wordt getoond, en vervolgens heeft geproefd en vervolmaakt, ook in tegenstelling tot het hier gedemonstreerde.)


Men ete.

Time to table: 15 minuten. "Dit mag je vaker maken", zei S.

zaterdag 19 november 2011

Pas op, babypraat

Status idioot triathlonplan: zoals jullie al wel hadden gemerkt wil het sporten niet echt vlotten. Dus ga ik mijn middagen anders indelen. Het zwemmen blijft een ochtendactiviteit, maar voortaan ga ik nadat ik E. naar haar kinderdagverblijf heb gebracht eerst een uur sporten en dan werken. En om mijzelf daar ook daadwerkelijk toe te dwingen, kleed ik mij voor het wegbrengen om. Vandaag heb ik weer een minirondje rond de rivier gesjokt - ik durf niet eens op google maps te kijken hoe ver het eigenlijk is. Maar het punt is dat ik het gedaan heb.

Dit weekend zijn we naar Bintan, een Indonesisch eiland dat groter is dan heel Singapore bij elkaar. Het plan is om naast het zwembad te liggen. Het hotel schijnt er twee te hebben, en nog een stuk strand ook. E. hoest niet meer, en heeft vandaag gezwommen (van blijdschap ontspanden al haar spieren zich en heeft de swim nappy zijn nut bewezen).

Het leek me een mooi moment om jullie eens bij te praten over E.'s vorderingen. E. kan dus staan, zoals al eerder gemeld. E. kan ook "ooooooohhhh" zeggen met een gespitst mondje en parmantig getuite lipjes. E. kan wijzen en vanuit haar stoel op tafel klimmen en de telefoon op speakerphone zetten (dat laatste is handig, want dan weten we of ze per ongeluk iemand belt of niet). Ze kan doosjes in en uit andere doosjes doen, ze kan de wc-rol afrollen, ze kan lichtknopjes aan en uit zetten en ze kan met de deksel van de pan op de grond rammen terwijl ik aan het koken ben.

(Er is overigens ook heel veel dat ze niet kan: E. kan niet praten, niet los staan, ze kan niet gaan zitten als ze eenmaal staat dus dan roept ze één van ons, ze kan niet lopen en ze kan al helemaal niet voetballen, broer J.)

Maar het allerleukste is dat E. de wereld om haar heen begint te snappen. Zo weet ze dat het tijd is voor de lunch als ik met de broodplank naar de tafel loop. Dan gaat ze alvast op de grond bij haar stoel zitten zodat ik haar op kan pakken en erin kan zetten. En ze weet dat het ronde bakje voor het toetje is, dus als ze vindt dat ze genoeg avondeten heeft gehad, pakt ze dat bakje en geeft ze dat aan mij. Dan kijkt ze me verwachtingsvol aan en is het de bedoeling dat ik het bakje met yoghurt vul. En ze weet dat de ringsling, de zijdelingse draagdoek die we vlak voor vertrekt van doctor F. kregen, betekent dat we naar buiten gaan en dat ze dan de hele tijd tegen mij aan mag hangen en kusjes krijgt. Dus zodra ik die uit de la haal, begint ze te juichen.

E. neemt ook initiatief. Ze trekt zich op aan mijn benen en steekt haar armen omhoog als ze wil worden opgetild. Als ze vindt dat het tijd is voor een liedje en een dansje roept ze "ah ah ah" terwijl ze met haar armpjes wuift en heen en weer wiegt. Of ze klapt als ze liever "klap eens in je handjes" wil horen. Ze weet ook dat "ozewiezewoze" betekent dat ze moet gaan slapen. Dus dan schreeuwt ze heel hard, trekt aan mijn haren en werpt mijn bril boos weg. Om vervolgens, als ik gewoon doorzing, haar hoofd op mijn schouder te leggen, haar duim in haar mond te steken en haar arm om mijn nek te vouwen. Dan smelt mijn hart en zing ik stiekem een liedje extra om haar nog even vast te kunnen houden.

Al zou het me niks verbazen als ze dat ook gewoon door heeft.


vrijdag 18 november 2011

Ik, Tigermom

Status idioot triathlonplan: Het niet-hoesten van E. heeft allerlei aangename neveneffecten. Zo slaapt ze ineens tot na zeven uur door en speelt dan nog een kwartiertje vanuit haar bedje met het gordijn. Ook is ze ongekend vrolijk nu ze voldoende slaap krijgt en gaat ze genoeglijk zelf slapen na de afscheidszwaai bij de deur. Meestal duurt het een week. Soms twee. Gisteravond yoga-oefeningen gedaan - de ingewikkelde positie waarbij ik een U vorm met mijn benen boven mijn hoofd parallel aan de vloer (en in theorie een rechte rug, maar daar heb je meer buikspieren voor nodig dan ik bezit) vlotte niet zo goed, maar de staande voorovergebogen U met de rug parallel aan de vloer werkte wonderwel. En ik heb diep en innig geslapen, ondanks de lichtelijk benevelde man die zo rond een uurtje of twee naast mij kroop.

"Jij bent een tigermom!" chatte S.' gelijktijdig ge-expatrieerde oud-collega B. vanuit Hong Kong. Haar kindje is net zo oud als E. Net als ik volgde zij haar echtgenoot, al was het in haar geval met behoud van baan. Maar in tegenstelling tot ons heeft zij wel de ruimte en de mogelijkheid een helper in huis te nemen.

Wij wonen in een serviced apartment, een soort apartement in hotelvorm. Dat betekent dat het gemeubileerd is (al hebben wij het een en ander weggehaald en toegevoegd), dat elke ochtend Sara de boel aan kant komt maken en dat we elke dag schone lakens en handdoeken krijgen (behalve E. dan, die het gewoon met de Nederlandse boel moet doen en dus slechts éénmaal per week een schoon bed krijgt. En dat terwijl zij er het meeste in ligt.) Het betekent ook dat we niet, zoals in veel huizen en condominiums gebruikelijk is, een apart kamertje met douche en wc voor de inwonende hulp hebben. Die is met alle service die we ontvangen van Sara, de mensen bij de receptie, de lange Chinese maintenance man met het Australische accent (waarvan ik vermoed dat hij date met één van de meisjes van de receptie, want ik heb ze al een paar keer samen buiten zien wandelen) ook niet nodig.

E. gaat elke middag naar het kinderdagverblijf. "School", noemen ze dat hier. En dat is ook precies wat ze bedoelen. Gedurende de eerste drie jaar verdubbelt de herseninhoud van kindjes. Dat is een gouden tijd om die hersens te vormen, te trainen en vol te stoppen met kennis en de juiste attitude, aldus de Singaporezen. Elk van de drie kinderdagverblijven die wij bezochten had een schedule voor ons dat tot op het kwartier specificeerde wat E. zou doen gedurende de dag.


Dit is het schema van Alphabet School. Hun infant care, 2 tot 18 maanden, is tweetalig, halverwege de dag switchen ze naar Chinees. Op alle kinderdagverblijven worden de kindjes gewassen.


Dit is het schema van Columbia, waar E. heen gaat. Het kinderdagverblijf is niet vernoemd naar de universiteit, maar naar de Canadese provincie British Columbia, waar de twee eigenaren (Mister James en Mrs Emily) hun MBA hebben gedaan. "Prepare to go home" begint al rond half zes en houdt in dat de kindjes educatieve tv kijken.

Natuurlijk lukt dat voor geen meter. Daar hadden we het kinderdagverblijf ook niet op geselecteerd. We hadden het kinderdagverblijf gekozen met de gezelligste ruimte en de meest assertieve juffies, want redeneerde ik, die voelen zich het meest op hun gemakt en een fijne werkplek is ook een fijne opvang. Eén kinderdagverblijf, waar we op zaterdagochtend mochten rondkijken, had juist op dat moment een trainingsochtend. Alle juffies zaten op kleuterstoeltjes voor een groot schoolbord, terwijl de principal met een stok naar het woord "integrity" wees. "Wat betekent dit? Dit betekent dat je eerlijk moet zijn. Dat je oprecht moet zijn. En hoe laat je dat zien? Door op tijd te komen! Herhaal! Op tijd komen! Wat is integriteit?" Ze priemde naar een dichtbijzittend juffie die rood aanliep en mompelde: "... Op tijd komen..."

Het schema ten spijt, wordt E. op het kinderdagverblijf helemaal suf geknuffeld, vol gestopt met eten en vertroeteld. Leren doet ze thuis, blijkt telkens weer uit de verwonderde reacties van de juffies: "E. is already using her spoon!", "E. stood up today!" en "Today, E. did not want to be pet to sleep, but slept on her own!" (Dank Ria Blom!) 

Het échte leren begint ook pas over een half jaar. Met 18 maanden gaan de Singaporese kindjes naar school (dan wordt de maandelijkse factuur ook significant lager). Dan beginnen ook de optionele enrichment classes, Chinees spreken, Spreken in het openbaar, Lezen, Schrijven, gevolgd door tuition vanaf het moment dat ze naar school gaan. Want elk kindje moet voorlopen op de groep, waardoor de lat hoger en hoger komt te liggen. Kiasu parents worden dat hier genoemd, letterlijk "ouders die vrezen de boot te missen". Sinds een jaar in het Westen bekend als tigermom.

Tot ze officieel naar school gaan met vier jaar zijn kindjes prinsjes en prinsesjes. Ze slapen bij de ouders in bed, ze worden schromelijk verwend, elke willekeurige voorbijganger koert naar ze, wil high fives doen en snoepjes geven. Ze mogen alles, schreeuwen in restaurants, aan haren trekken, borstvoeding tot op hoge leeftijd, op mama's arm in slaap worden gewiegd. E. geniet hier dan ook met volle teugen.

Met vier jaar is het afgelopen. Dan begint de prestatiemaatschappij. Maar in Singapore is dat dus, kiasu-style, al een stukje eerder, met 18 maanden (al worden ze ook nog schromelijk verwend hoor!). En mij vinden ze een über-tigermom, want ik stuur mijn kindje al met 12 maanden naar school. Ja, zo gaat dat nu eenmaal in Nederland, knikken ze. En stiekem zie ik ze denken: "Kiasu hoor... Zou ik dat niet ook moeten doen?"

donderdag 17 november 2011

Project Eet Aziatisch: Double Cooked Pork

Status idioot triathlonplan: S. en ik zijn deze week afwisselend op stap. Gisteren was het mijn beurt en ben ik met blissfull mama's Mexicaans gaan eten en margarita's gaan drinken op Dempsey Hill. We hebben vooral heel, heel hard gelachen om mannen die borstvoeding geven (Indiase mama JB voelde een kwartje vallen: "Wait, so my husband can do that too?"), om de Formule 1 (Singaporese mama Jes: "No, really, the only time anything happened was when a driver crashed into this wall and when he got out of his car he didn't even take off his helmet, so you never saw his face! What's the fun in that!") en, uit medeleven, om de nachtmerrie van de Chinese tweelingmama ("You know, before I had my twins I wouldn't have thought it was a nightmare, but last night I dreamt I was pregnant again with twins.") Sporten en yoga schiet er dus een beetje bij in.

Mijn excuses - vandaag ga ik me er makkelijk vanaf maken. Dat komt, ik ben een beetje moe. Hier het verslag van mijn poging om het Chinese gerecht double cooked pork te maken. De moraal van het verhaal: het is niet handig om als je een gerecht uit een ander werelddeel voor het eerst maakt, te besluiten bepaalde ingewikkeld te vinden ingrediënten dan maar weg te laten. Of, zoals S. diplomatiek zei: "Weet je, sinds we in Singapore wonen hou ik gewoon niet meer zo van varkensvlees."


Dit zijn de ingrediënten met een foto van hoe het er uiteindelijk uit moet komen te zien. Het gerecht heet "double cooked" of "twice cooked" omdat het varkensvlees (pork belly) eerst gekookt wordt tot het half gaar is en daarna nog eens gewokt in de zwartige saus in de Ikea-schaal.


Echt, ik had mijn best gedaan om sweat bean paste te vinden. De Carrefour had het niet (maar die specialiseert zich ook om mijn onbekende redenen in Koreaanse waar), de Japanse Meidi-Ya had het niet en de lokale Fair Price had het ook niet. De Chinese mama's die ik ernaar vroeg trokken een passend blanco gezicht. Eentje vermoedt dat ze misschien weet wat ik zou kunnen bedoelen, en ze zou me nog sms-en, maar mijn telefoon is geruisloos gebleven.

Dus dacht ik, een beetje geïrriteerd omdat mijn lente-uitjes in de koelkast lagen te verpieteren, dat ik het dan wel zonder zou maken. (Dit is ook een goed moment om op te merken dat ik ook niet zeker wist of mijn soy bean paste with chili hetzelfde was als de spicy bean paste die in het recept stond of dat ik toch de pureed soy beans (salty) had moeten kopen. Of dat bean paste überhaupt wel met sojabonen wordt gemaakt - want de mama's vroegen unaniem wát voor bonen ik dan precies tot pasta gemalen had willen zien. Maar dat stond er niet bij in het kookboek.) Zoet is zoet, redeneerde ik, dus ik gooide er gewoon een extra lepel of twee suiker bij. En wat extra soy bean paste with chili voor de bonensmaak.



Nota bene de mooie placemats waarvanaf wij eten.

S. kwam laat thuis die dag, wat goed uitkwam, want volgens de taxichauffeur die mij met 700 boodschappentassen van de Carrefour in Suntec naar huis vervoerde, is de sleutel tot de Chinese keuken "looooooooooooong cooking". "Jullie Westerlingen denken dat lang koken de vitamines vernietigd", voegde hij glimlachend toe. "Wij denken dat het juist nodig is om ze te bevrijden." Ik ben niet zo van het lange koken, maar door omstandigheden lag dit gerecht dus best een tijdje in de wok. Zeker wel een half uur. En ik moet toegeven: dat kwam het uiterlijk en de intensiteit van de smaak absoluut ten goede.

Die smaak was allesoverheersend zout. Alsof het varkensvlees in Dodezeewater gekookt en opgediend was. Nu weet ik niet of dit ook daadwerkelijk zo hoort - theoretisch zou dat natuurlijk kunnen - maar mijn eerdere kennismakingen met de Chinese keuken suggereren dat er hier toch iets ernstigs is mis gegaan.

S. heeft liever niet dat ik een tweede poging waag (we hebben nog een lap pork belly in de vriezer liggen). Sterker zelfs, S. is een beetje klaar met Aziatisch eten. Gisteren keek hij in de koelkast: "Wat moet ik koken?" vroeg hij zich vertwijfeld af. "We hebben niks in huis. Er is geen tomatenpuree. En ik hou niet van maïskolven." Hij besloot een bak instant noedels op te warmen en die weg te spoelen met E.'s yoghurt. Met treurige hondenogen keek hij mij terwijl ik hem in de steek liet om mij aan restaurant-voedsel te laven.

Een kort overzicht van de inhoud van onze keukenkastjes: komkommer, wongbok, pompoen, lente-uitjes, wortelen, spinazie, pakchoi, aardappelen, pasta, rijst, kokosmelk, gewone melk, drie soorten sojasaus, zalm, kip en gehakt, knoflook, twee soorten gember, alle mogelijk soorten kruiden, pinda's en cashewnoten, mango, papaya en appels. 

woensdag 16 november 2011

De ziel van de expat

Afgelopen jaar toerde het toneelstuk "Expats" door Nederland. We zijn er niet heen geweest. Ook toen ik op zoek ging naar blogs van Nederlanders over Singapore kwam ik allerlei beschrijven en typeringen van expats tegen. (Voor de mensen die door klikken: vooralsnog val ik dus in de categorie niet-helemaal-de-bedoeling-niet-werkende vrouw.)(En voor de mensen die van kleine wereldjes houden: de reisgenoten in deze aflevering zijn de collega van S. en diens vriendin, waar wij afgelopen zaterdag op kraamvisite waren.)

Trefwoorden in vrijwel alle beschrijvingen: zwembad, koffie drinken, tennissen, golfen, kinderen, shoppen, reizen. De meeste mensen maken goed gebruik van het feit dat Singapore de hub voor Zuidoost-Azië is. Ik ben hier natuurlijk nog maar pas, maar mij viel nog iets anders op. Mensen, expats, zijn ongelooflijk open.

Zo weet ik dat een Hongkongse moeder* vorige week via internet 180 ovulatiestaafjes heeft aangeschaft, dat drie stellen hun kindje via IVF hebben gekregen vanwege leeftijd en vroegtijdig verschrompelende eitjes, dat een Scandinavische expatvrouw na tien jaar vruchteloos proberen een Indiase surrogaatmoeder inschakelde en vervolgens zelf zwanger werd (haar leven met twee kindjes van zeven en van tien maanden oud is behoorlijk hectisch) en vertelde een stevig, Duits klinkend moeke in de lift van Tanglin Mall dat haar bekroeshaarde babietje "waarschijnlijk acht maanden oud was - ze is gisteren pas aangekomen uit Afrika". En dat het haar vierde kindje was, en dat de eerste drie wel eigen kweek waren. Toen stopte de lift op onze verdieping.

Maar de openheid beperkt zich niet tot de voortplanting.

"Het is niet mijn verhaal! Daar ga ik niet over!", hoorde ik een Britse vrouw aan de telefoon zeggen in een lunchroom. Ze zag mij kijken. "Ik ben choreografe", legde ze uit. Een Singaporees theatergezelschap had haar ingehuurd om voor hun theaterstuk de dans te maken. Maar nu was de hoofdrolspeelster ontevreden en vond dat het verhaal anders moest en dus dat de dans moest worden aangepast. Eigenlijk zit het anders, vertrouwde de Britse mij toe. "Ze blijkt helemaal niet zo goed te kunnen dansen. Maar ze hebben me ingehuurd omdat ze vonden dat ik mooi werk maakte en ze wilde dat ik alles uit de kast haalde. So I'm damned if I do and damned if I don't." Ze schudde haar hoofd, koerde naar E. en vertrok om haar zaakjes in alle rust verder te regelen.

"Ik hoop dat het niet nog eens zeven jaar duurt voor ik over déze heimwee heen kom", verzuchtte een Roemeense vandaag in de taxi die we deelden. Ze had de afgelopen vijftien jaar in Japan gewoond en dat land is haar grote liefde. Maar de baan van haar Franse echtgenoot (de Japanse kandidaat had ze na zeven jaar de laan uit gestuurd omdat hij definitief geen kinderen wilde) heeft haar naar Singapore gebracht. "Hij heeft nooit Japans geleerd", verklaarde ze met verdacht vochtige ogen. "Dus de kans is klein dat we terug zullen gaan."

Na een weekendse lunch met collega's van S. viel een verzadigde stilte. "Denken jullie dat homoseksualiteit genetisch of aangeleerd is?" vroeg een Singaporese collega de verzamelde disgenoten. Homoseksualiteit is bij wet verboden in Singapore. Wij keken haar verbijsterd aan. Maar het zat haar hoog. "Ik denk dat het genetisch is. Mijn nichtje is lesbisch. En die is echt niet anders opgevoed dan mijn neefje."

Gelukkig blijven sommige mensen ook hetzelfde. Gisteren hebben E. en ik geluncht bij het lokale Google-kantoor, waar oud-studiegenoot B. uit Ierland zich al twee jaar over strategie en omzettargets blijkt te buigen (hij is de trotse bezitter van een eervolle master in Politieke Geschiedenis). Ieren zijn, in tegenstelling tot hun vrolijke reputatie, enorm gesloten als het om het privéleven gaat. Ze ontwijken alle persoonlijke vragen met een kwinkslag - daar komt die reputatie vandaan. E. en ik hebben ons dus kostelijk vermaakt. Maar hoe het nu eigenlijk met hem gaat?


Dit is niet de collega die geïnteresseerd was in homoseksualiteit. E. at geen dumplings, maar brood met pindakaas. Ik at wel dumplings en die waren heel lekker.

*Het expat-leven is niet voorbehouden aan Westerlingen. Er zijn ook expats en hoogopgeleide kenniswerkers uit Vietnam, Hong Kong, India, Japan en andere Aziatische landen. Afrikanen en Zuid-Amerikanen heb ik nog niet veel gezien.

dinsdag 15 november 2011

Zo ziet het eruit

Status idioot triathlonplan: Gisteravond kwam S.' collega S. eten - niet alleen hebben ze dezelfde initialen, maar ze hebben ook dezelfde slanke bouw en hun hersens werken op dezelfde golflengte. S2 is dan ook de enige van S.' collega's die hem door heeft, wat haar danig in zijn achting doet stijgen. Maar van sporten kwam het niet. Wel van yoga. Om de zaak wat te bespoedigen (ik doe de oefeningen voor het naar bed gaan) heb ik de minuut rust ertussen geschrapt. Dat heeft ook onverwachte bijwerking dat de oefeningen beter lijken te gaan en daarmee bedoel ik dat mijn spieren enerzijds wel zeuren, maar anderzijds ook als vanzelf de juiste houding aan lijken te nemen en vol houden. Het is alsof mijn spieren mediteren: ze hebben wel allerlei gedachten en meningen, maar daar laten ze zich niet door afleiden bij het uitvoeren van hun taak.


Dit is het uitzicht vanaf het balkon van het appartement dat S.' collega S2 deelt met een collega die een geheimzinnig schaduwbestaan leidt - zij is nooit thuis wanneer wij er zijn. S2 woont vier verdiepingen onder ons. Rechtdoor is de haven van Singapore, met in de verte Marina Bay Sands - dat zijn de drie flatgebouwen met een cruiseschip erop. Links ligt Fort Canning Park met historische wandeling en graf van een onbekende koning, rechts tussen de wolkenkrabbers ligt ergens het kantoor van S. De gekleurde gebouwtjes met de joekelparaplus zijn het uiterst hippe uitgaansgebied Clarke Quay, dat op onze stoep ligt. Wie scherpe ogen heeft ontwaart ook nog de rode daken en het witte torentje van het parlementsgebouw in de verte en twee hijskraanachtige machines met een brug erachter (ik bedoel niet de witte halfronde brug, maar eentje daarvoor). Tussen die brug en die witte halfronde brug ligt Boat Quay.


Dit is Clarke Quay van dichtbij. Toeristen begrijpen Clarke Quay niet zo goed - zij lijken te denken dat het een verzameling kroegen is waar je in T-shirts en slippers kunt chillen. Singaporezen weten wel beter, zoals duidelijk blijkt na een uurtje of elf 's avonds: dit is waar de ultra coole crowd gaat om gezien te worden. Daarom zijn er ook zulke enorme paraplus boven de straatjes geplaatst: het is natuurlijk niet de bedoeling dat je haar nat wordt. (In krijtstreep gestoken expats en mensen met schattige blonde babietjes worden overigens ook getolereerd.)


Dit is Boat Quay. Hier horen de toeristen thuis. Boat Quay ligt zo'n 50 meter verderop aan dezelfde rivier als Clarke Quay. De eettentjes zijn gehuisvest in krakkemikkige folklorische huizen, want Westerlingen stellen er geen prijs op als dingen er schoon en goed verzorgd uitzien. Zij noemen dat "karakterloos". En ze drinken veel bier. Zoals mijn Ierse studievriend en huidig Googler B. vandaag zei: "Als je meer dan één glas alcohol drinkt, denken Aziaten dat je alcoholist bent." Maar ze vinden het prima om daar geld aan te verdienen.


Overigens komen Singaporezen zelf ook regelmatig op Boat Quay, want de vis is altijd vers. En ja, dat ruik je.


Net voorbij Boat Quay heeft de Chinese United Overseas Bank voor de deur van haar hoofdkantoor twee beeldhouwwerken neer laten zetten. De ene is een man met gaten waar ballen in hangen van de hand van Salvador Dalí en heet "Homage à Newton", de andere is een vogel van Botero. Deze vogel staat, getuige het eronder gemonteerde bord, voor inspiratie, sereniteit en vrede. De vogel staat niet voor vrijheid. Net voorbij de vogel is de facade van het koloniale Fullerton Hotel te zien. Het hotel staat op de hoek waar de rivier de haven instroomt.


En hier wonen wij, in het rode gebouw boven de shopping mall Liangcourt en naast de parkeerplaats voor rondvaartboten:


Het zwembad ligt achter de palmbomen op de achtste verdieping.


Dat ben ik die zwemt.

maandag 14 november 2011

Geen paniek!

Status idioot triathlonplan: het weekend is voor mij geen goede tijd om te sporten. Als het mij al lukt om in bikini gekleed aan de rand van een strand te verschijnen (zoals gisteren op recreatie-eiland Sentosa) dan stort en bliksemt de moesson wel weer roet in het eten. Gelukkig was er een hele lieve Italiaan met Singaporese vrouw die twee verzopen katten en een volledig droog want in deken en twee handdoeken gewikkelde E. wel een lift naar huis wilde geven. Liften met Italianen kan dus toch, Piggelkapitein!

E. heeft geen waterpokken. Ook geen vijfde ziekte. En al helemaal geen vlekjesziekte waar je koorts van krijgt. E. heeft namelijk geen koorts. E. heeft een unspecified rash, aldus de dokter. En blijkbaar een platte neus, waardoor het verkoudheidsvirus in haar holten blijft hangen en ze niet snel beter wordt (het houdt inmiddels drie weken aan en lijkt, net als de regen gistermiddag, niet binnenkort op te houden). (Ik vroeg nog of Aziaten dan vaker last hadden van hun luchtwegen, omdat die allemaal een platte neus hebben, maar dat was niet het geval. Integendeel zelfs. Waardoor mij het verband tussen neusvorm en hoest weer enigszins duister was. Maar dat terzijde.)

Daarom heeft dokter Tan (onze eigen dokter Ratna is met vakantie) E. twee nieuwe medicijnen voorgeschreven, waaronder een antibioticum, twee oude medicijnen aangevuld (E. kreeg al vier medicijnen tegen haar hoest op basis van de diagnose  "sensitive lungs"), en twee van de vier oude medicijnen laten vervallen. En in plaats dat E. nu drie maal per dag drie medicijnen moet slikken, moet ze nu drie maal per dag medicijn A slikken, twee maal per dag medicijn B, en een maal per dag medicijnen C en D. En in plaats dat we eind november terug moeten komen op controle, mogen we nu komende maandag weer acte de présence geven in het ziekenhuis. Of we eind november alsnog langs moeten komen hangt af van de uitslag van het onderzoek van maandag.

Ik voel me wel enorm serieus genomen, met mijn niet nader te duiden rode vlekjes. Een Nederlandse dokter zou zeggen "gaat wel weer over", maar een Nederlands kinderdagverblijf eist dan ook geen doktersattest dat mijn kind gezond is, nadat ik zo dom was om te laten vallen dat ze wel eens waterpokken zou kunnen hebben. "You are going to see your doctor this afternoon, right? Yes? You WILL go to the doctor? Good, then please let us know."

E. ondertussen heeft zich wonderwel hersteld van haar vegetatieve toestand van deze morgen en maakt volop gebruik van het feit dat ze niet naar het kinderdagverblijf is door de koelkast weer eens opnieuw in te richten (S., ik heb de twee verdwenen Ikea speelgoedbakjes weer gevonden!), de voorraadkast te ontruimen en bij mama op schoot te klimmen. (Hallo E.! Ja, speel maar met papa's mobiele telefoon, die heeft hij toch niet nodig. En die zonnebril staat je goed. ksdjfkeeeeeeeeeeeeeekk Nee, niet aan mama's toetsenbord komen. Hier, de afstandsbediening van de airco. Kijk! Biebbieb! Niks mis met 38 graden. Ja hoor, je mag best op de glazen tafel slaan met papa's racefietspompje. IIiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiii Maar niet op mama's toetsenbord!).



Als je het zichtbare balkonoppervlak met twee vermenigvuldigd dan heb je de afmetingen van onze  buitenruimte. Ter linkerzijde staat de motor van de airco (net niet op foto). Riant is het niet. Maar we hebben wel twéé van zulke balkons.

zondag 13 november 2011

Een Nieuw Project want E. groeit

Status idioot triathlonplan: Het effect van zo'n überenthousiaste dag liet niet lang op zich wachten, noch op de weegschaal, noch op mijn actieniveau. Zelfs de yoga schoot er bij in. Het hoesten van E. verbetert zich, zij slaapt er inmiddels doorheen.

Er heeft zich een nieuw plan aangediend in huize zoek-de-zin-des-levens. Dat plan is het gevolg van E.'s plotselinge groeispurt sinds we in de Tropen wonen:


Dit is de lengte groeicurve van Nederlandse meisjes gedurende de eerste 15 maanden. E. spartelde vrolijk rond de bovenzijde van het gemiddelde, tot we (derde stip van rechts) in Singapore aankwamen. Sindsdien is haar grafiek de hoogte in geschoten.

Er zijn een aantal mogelijke oorzaken voor deze groeispurt:

1. De hitte lijkt E. wel te bevallen.
2. De juffies van het kinderdagverblijf geloven niet dat brood een lunch is - wat betekent dat E. ongeveer anderhalf uur na haar Hollandsche lunch nog eens de Aziatische variant met rijst, gestoomde vis en groenten krijgt.* En die smikkelt ze met veel genoegen op. Waarna ze wel de helft van haar avondeten laat staan maar
3. nóóit haar yoghurt. E. is dol op yoghurt en melk en krijgt daarvan veel meer binnen dan volgens het geïmporteerde foldertje van het consultatiebureau de bedoeling is. Pogingen om dat te minderen stuiten op luidkeels protest, heftige handgebaren, en, als we het dan nog niet snappen, pogingen om via een salto achterover haar kinderstoel te verlaten (wat theoretisch kan, omdat er geen tuigje in zit).

(Hieronder nog even een plaatje voor opa D., zodat hij weet dat hij zich geen zorgen hoeft te maken over de omvang van zijn kleinkind:


Terwijl E. op de lengteas vorderingen maakt, blijft haar breedte (of gewicht, zo je wil) daar enigszins bij achter. Dit is de curve van het gewicht in de eerste 15 maanden. Weliswaar is er een klein spurtje, maar dat tilt haar slechts van net onder de gemiddelde lijn tot net erboven. Haar vaders genen blijven oppermachtig.)

Onze voorheen altijd zo gemiddelde E. begint reusachtige proporties aan te nemen. Dat levert interessante problemen op, zoals dat hekjes die in Aziatische ogen kindveilig zijn, dat voor ons kind niet zijn, of dat E. zodra ze kan lopen voor de metro moet gaan betalen (ze hanteren een lengtegrens van 90 centimeter, een drie- of vierjarige in Azië). Ook hebben E.'s graaiende handjes wat meer slagkracht dan die van haar zwartharige leeftijdsgenootjes (dat vindt haar vader dan wel weer een prettige gedachten, vooral als het om jongetjes gaat).

(E. heeft trouwens ook meer tanden dan haar Aziatische  counterparts (te weten acht, vier boven, vier onder), maar ik weet niet of dat toevallig net de kindjes zijn die ik ken, of dat het verschil een diepere biologische oorzaak heeft, bijvoorbeeld omdat Westerse kindjes grote hompen vlees aan stukken moeten kunnen scheuren en aardappels vermalen, terwijl Aziatische kindjes gestoomde-rijst-prutjes naar binnen sabbelen.)

Maar het meest nijpende probleem was de slaapzak. Want haar hippe Hema-zakjes past E. niet meer. En nu had oma F. wel een pracht van een slaapzak inelkaar gezet, maar E. zweet nogal 's nachts (had ik al eens geschreven dat het hier warm is?) dus die moet ook af en toe worden gewassen. (En E.'s moeder is niet zo'n efficiënte huisvrouw dat diezelfde slaapzak dan 's avonds weer droog over de bedrand hangt.)

Aziatische kindjes slapen in pyama's blijkt. (Niet alleen dat, ze slapen ook op matrasjes op de grond, maar dat hebben we met ons kleine draaitolletje nog maar niet uitgeprobeerd.) Slaapzakjes zijn er wel, maar die zijn Heel Duur. Dus ben ik er nu zelf één in elkaar aan het zetten. Met de hand.

Het ging ongeveer zo. Micha's moeder nam mij na onze donderdagse klaaglunch mee naar Plaza Singapura (één van de vele malls waar ik nog niet eerder geweest was). Ze had een stukje oase nodig om een bloemstuk te maken ("nou, niet een echt bloemstuk hoor, maar weet je, als ik bloemen gewoon los in een vaas zet, dan staat het zo slordig"). Eenmaal aangekomen, liep ze nog éventjes langs de stoffenwinkel en terwijl ik de starter sewing kits bekeek, zei ze nadenkend: "dit zou wel een leuk stofje zijn voor een slaapzak". Een lichtje ging aan in mijn hoofd.

Ik heb twee stukjes stof gekocht, de starter sewing kit, een - naar nu blijkt volledig overbodige - extra set naalden om banken, tenten en matrassen mee te kunnen repareren, een rits en garen. Ik heb de slaapzak van oma F. gepakt en ben gaan knippen.

Dat is een beetje alsof je een Ikea-kast in elkaar zet zonder handleiding. Het is heel simpel, je zou dat toch moeten kunnen, maar achteraf blijkt dat je zonder zo'n handleiding per ongeluk allerlei essentiële stappen overslaat. Gelukkig had ik in mijn enthousiasme ook veel te veel stof gekocht. Verslag volgt, zodra er vorderingen te melden zijn.

E., hier 11 maanden, op playdate. Rechts zit Eva van 15 maanden, half Vietnamees, half Nederlands, links kruipt de Singaporeaan Warren van 10 maanden.

*Meerdere Aziatische moeders die ik ontmoet op playdates geven hun kind ook inderdaad stukjes brood als snackje, terwijl ik de mijne op zulke momenten rijstwafels toestop. Eén moeder, met een zoon van 6, een dochter van 4 en een ukje van 10 maanden, vertrouwde mij toe dat Westers eten zoveel handiger is dan Aziatisch eten: "Brood en pizza kun je gewoon uit het vuistje eten, dan hoeven ze niet aan tafel te zitten." 

zaterdag 12 november 2011

Logeerkamer

Status idioot triathlonplan: Vandaag heb ik wat te melden! Ik heb een proefles pilates - cardio-pilates naar gaandeweg bleek - gedaan. En daarna een rondje rond de rivier gesjokt. Mijn eerste keer buiten hardlopen! Belangrijk voor de volgende keer: grote kan water klaar zetten. En zorgen dat de wasmachine meteen kan gaan draaien. Ik ga toch maar geen lid worden van de sportschool - toen ik bij één oefening meldde dat ik het in mijn rug voelde, kreeg ik geen alternatieve methode om de oefening uit te voeren, maar moest ik het juist nog zwaarder maken. (Rug = niet goed bij Pilates, daar draait het om buikspieren.) Maar nu moet ik dus twee keer per dag langs de balie en het teleurgestelde gezicht van het vast op commissie werkende ledenwervende meisje van die sportschool lopen om E. te brengen en te halen van het kdv... Uit zelfbescherming had ik mijn portemonnee maar thuis gelaten, want mijn schuldgevoel had me zomaar een abonnement aan kunnen smeren. Ik ga nu op zoek naar een yogastudio, denk ik. Iemand tips?

Wij vinden het leuk als mensen langs komen. Daar hebben we ook voorzieningen voor aangelegd. Dit is onze logeerkamer (en wat hangt daar te pronken, broer W.?):


Ik hoor jullie denken: wat een gezellige kamer! Ik zou er zo een babietje laten slapen! Dat dachten wij ook. Dus dit is E.'s kamer (kijk, zus F., wat daar hangt te pronken!):


"What is the meaning of the leaves?" vroeg één van de babysitters (vijftig plus, oma, etnisch Chinees) ons nadat ze haar bril op het puntje van haar neus had weten te balanceren. "It's religious", antwoordde S. "Please refrain from touching them." De babysitter keek geïmponeerd. "Rebirth?" vroeg ze nog. S. keek ernstig: "It's a very old tradition. To protect the newborn from evil outsiders." Hij keek de kleine, zwartharige vrouw doordringend aan. De babysitter knikte beduusd.

We vonden de tak bij thuiskomst tussen de wielen van de kinderwagen na onze wandeling door Mount Faber Park.

vrijdag 11 november 2011

Hema, Lief! en het copyright op babyspullen

Status idioot triathlonplan: E. hoest en proest en slaapt niet maar wil wel slapen en dat lukt dan niet en dan moet ze heel hard huilen en dat is echt enorm zielig. Maar als ik die hoest haar keel uit zou kunnen trekken, hoei, dan zou de Ultimate Fighter in mij wel eens boven kunnen komen en het bloed de muren besmeuren. Yoga lukt overigens wel, al schijn ik er niet zo heel relaxed van te worden. Misschien komt dat nog.

Ik kom nogal eens in Tanglin Mall (stomping ground of the expat wife, zegt Lonely Planet). Dat komt, het Mother and Child Centre zit daar en die organiseren de Positive Focus cursus (7 tot 16 maanden) waar zich wekelijks een groepje uitgetelde mama's verzamelt om de ontwikkeling van hun kind positief te herformuleren.

Elke cursus begint met de favoriete beweging van deze week. "Bijten", zei één moeder afgelopen donderdag getergd. "Let's rephrase this positively! Blowing kisses!" riep Miss Nora wiens tandpasta glimlach haar gezicht bijna in tweeën breekt. Maar na zes cursusweken (en sinds ik haar een paar keer struikelend maar nog altijd glimlachend uit een taxi heb zien vallen om op tijd bij de cursus te zijn) begin ik te geloven dat ze onze kindjes écht leuk vindt. En dat opent toch wekelijks weer mijn ogen voor de prestaties van onze E.

Zo heeft E. geen separation anxiety maar is ze loving. En E. schreeuwt niet het hele huis bijelkaar, maar is heel communicatief. En E. is geen eigenwijs stuk vreten dat al haar brood op de grond gooit als er geen jam op zit (en als er wel jam op zit, likt ze die eraf en mikt ze haar brood alsnog op de vloer), maar outspoken. Aan het eind van de drie kwartier adem ik diep in en fluister ik peace bij het uitademen. En soms meen ik het ook nog een beetje, vooral als we bellen hebben geblazen, want dan kijken alle kindjes gehypnotiseerd naar die veelkleurige zeepbellen, wuiven loom met hun armpjes op het ritme van die zwevende bolletjes en dan stralen hun gezichtjes.


Het allerleukste deel van de cursus is dat we daarna met een aantal mama's gaan lunchen en klagen, wat natuurlijk het hele doel van de positieve focus weer teniet doet. Maar ik knap er wel danig van op. Soms gaan we daarna zelfs nog een tikje winkelen. En toen viel mijn oog op de volgende slaapzak van het merk Lief!:


En ik dacht: Hee, die heb ik toch thuis ook? Maar dan van de Hema?


En dat was ook zo! (De roze rits lijkt paarsiger in mijn foto, maar geloof me, dat ligt aan de foto. Het zijn echt precies dezelfde kleuren.) Dus heb ik eens op internet gegrasduind en in de - Nederlandse - webwinkel kan ik deze Hema-kloon niet terugvinden. Onderstaande beestjes wel, maar ook die lijken mij geïnspireerde op de al jaren oude Hema-collectie:


Ik heb nog wat verder gegoogeld, maar ik kon niks vinden over een rechtszaak of copyright-ruzie. Terwijl mijn lekenoog in eerste instantie dacht een Hema gevonden te hebben (wat, wederom volgens mijn lekenmening, bijzonder goed zou passen in Tanglin Mall, dus het verbaasde me niet).(Het luchtte me eigenlijk een beetje op, wist ik eindelijk waar ik kon gaan winkelen. Die vraag staat nog open.)

Dus is de Hema Lief? Of jat Lief voor buitenlandse kopers van de Hema? Of hebben Lief en Hema gewoon een achterkamertjes-deal gesloten waardoor dit mag? Of mag dit inderdaad en snap ik de preciezere formulering van de wetgeving rondom copyright niet helemaal?